Volgens de Bovag moet de autobranche efficienter worden.
Bovag: autobranche moet op de schop
De merkdealers in Nederland moeten op de schop om de autobranche weer gezond te maken. Dat vindt brancheorganisatie Bovag althans. De belangenorganisatie voor de autobranche deed uitgebreid onderzoek en voerde vele gesprekken, zowel in als buiten de branche. Aan de hand daarvan heeft Bovag een nieuwe opzet ontwikkeld waarin plaats is voor vijf tot twintig verkooppunten van nieuwe auto’s per merk. Daarbij valt op dat de verkoop wordt gecentraliseerd, maar de after sales juist niet. Daarvoor moet de autobezitter in zijn of haar eigen woonplaats of directe omgeving terecht kunnen. Een concept dat we kennen uit landen als bijvoorbeeld Frankrijk, waar grote dealerbedrijven met tal van subdealers werken. Met dat verschil dat de Franse 'superdealers' zelf ook after sales doen. Bovag maakt in de nieuwe opzet onderscheid in vijf verschillende soorten bedrijven.
In het Bovag-concept is sprake van de Verkoop Nieuw Dealer (VND), die zich alleen bezighoudt met de verkoop van nieuwe auto’s en de daarbij behorende zaken als verzekeren en financieren. Een VND kan meerdere merken voeren. Inruilauto’s worden niet zelf verkocht, maar doorgestoten naar andere bedrijven. De VND voert zelf ook geen onderhoud uit, dat vindt plaats bij Support Dealers. Een verkoopdealer moet jaarlijks minimaal duizend auto’s kunnen verkopen. Een variant op de VND is de Auto Retail Dealer (ARD). Die voeren de kleinere automerken in Nederland. Een ARD verkoopt minimaal 500 nieuwe auto’s per jaar. Het verschil met de VND is verder dat de ARD ook gebruikte auto's verkoopt. Als norm noemt Bovag 250 gebruikte auto’s per jaar. Ook een ARD heeft geen werkplaats voor onderhoud, ook niet wordt verwezen naar Support Dealers.. De Support Dealer (SD) vervulg daarmee een lokale sleutelrol voor een automerk. Hier vindt de aftersales plaats van een auto die bij een VND of een ARD is gekocht. Net als een verkoopdealer mag een SD meerdere merken voeren en verkoopt hij de occasions die de verkoopdealers doorstoten. De klant kan een nieuwe auto ook bij een Support Dealer laten afleveren, wel op voorwaarde dat de auto is gekocht bij een verkoopdealer. De Bovag bedacht verder de Dorps Dealer (DD) als variant op de Support Dealer. Een Dorpsdealer heeft nauwelijks merkuitstraling en levert ook geen nieuwe auto's af. Aan de basis vinden we dan nog de Service Dealer, die alleen onderhoud uitvoert en zich niet bezighoudt met verkoop. Erik Tak, voorzitter van Bovag Autodealers, zegt dat er in de toekomst ruimte is voor bestaande merkdealers, maar dat het tijd is om de branche opnieuw in te richten. De merkdealers krijgen daarin een andere rol, maar volgens Tak wel 'met rendement'.